Veel gestelde vragen

Verantwoording en toelichting bij de OPP-trap (versie december 2021)

OPP-trap – De basis

1. Waarvoor kan de OPP-trap gebruikt worden?

De OPP-trap is een communicatiemiddel waarmee het ontwikkelingsperspectief met ouders en leerling besproken kan worden. De trap biedt visuele ondersteuning bij 1) het opstellen van het OPP en 2) het monitoren en evalueren van het OPP. Daarbij horen de volgende twee vragen:

  • Waar (in welke ‘stroom’) zit de leerling qua leerontwikkeling nu? Wat betekent dit voor de geplande uitstroombestemming?
  • Zitten we qua leerrendement nog op koers richting de geplande uitstroombestemming?

2. Wat geeft de trap weer?

De trap geeft alleen maar de leerontwikkeling tot nu toe weer. Dit doet geen uitspraak over de geplande leerontwikkeling. Die uitspraak vergt ‘wikken en wegen’ en dat moeten betrokkenen zelf doen door de voor het onderwijs relevante factoren van de leerling en de onderwijsleer- en opvoedingssituatie te analyseren. Ze leggen de lat daarbij hoog. Het ontwikkelingsperspectief is immers niet alleen afhankelijk van het leerrendement tot nu toe, maar ook van bevorderende en belemmerende factoren van de leerling (zoals werkhouding, sociaal-emotioneel functioneren, talenten, interesses en intelligentieniveau), evenals de kwaliteit van het onderwijs en het onderwijsondersteunend gedrag van ouders. Voor meer informatie, zie de brochure “OPP in het basisonderwijs: wie, waarom, wanneer en hoe?” (PO raad, www.poraad.nl).

3. Verloopt de leerontwikkeling wel zo lineair als de OPP-trap doet vermoeden?

In de OPP-trap lijkt het alsof de vaardigheden op verschillende vakken zich op een gelijke manier ontwikkelen en dat de vaardigheidsgroei bij elk vak lineair is. In werkelijkheid is dit niet het geval. Toch is ervoor gekozen om de leerontwikkeling op deze manier weer te geven, omdat het anders onmogelijk is om de verschillende prestaties van een leerling in één figuur weer te geven en te vergelijken. Daarnaast kan de groei in functioneringsniveau wel als lineair beschouwd worden, aangezien dit een ontwikkeling in de tijd betreft: steeds een half jaar verder. Voor een volledige en juiste weergave van de vaardigheidsgroei per vak wordt verwezen naar het Alternatief Leerling-rapport van CITO.

4. Waarop zijn de V(S)O – routes (of stromen) gebaseerd?

Om de routes naar de verschillende niveaus van voortgezet onderwijs weer te geven, is eerst het verwachte instroomniveau van het voortgezet onderwijs bepaald op basis van de criteria die gelden in regio Het Gooi en omstreken. Op grond hiervan is een logische route “terug geredeneerd”. Dit heeft geleid tot de verschillende stromen. De precieze criteria van het voortgezet onderwijs verschillen per regio in Nederland. Houd daar dus rekening mee.

Voor alle vakken geldt: let met name extra op bij scores die op de grens van twee gebieden vallen (bijvoorbeeld op de grens Praktijkonderwijs/VMBO Basis). Analyseer zelf op basis van alle informatie in welk uitstroomgebied de score valt en stel vervolgens doelen op op basis van alle factoren (genoemd in vraag 2).

Vanaf OPP-trap versie 3.0 is een gearceerd gebied (grensgebied) gemaakt tussen VMBO Basis en VMBO Kader. Ga bij scores in of op de randen van dit gearceerde gebied kritisch na of dit een VMBO Basis of een VMBO Kader score is, op basis van de in uw regio geldende criteria (zie ook vraag 6).

5. Waarom kan er een verschil zijn waar een score uitkomt qua uitstroomniveau?

Bijvoorbeeld: een vaardigheidsscore leidt tot een III-score op de M7-toets en zou dus in het VMBO-T moeten vallen bij DL 45, maar valt op de grens VMBO-T / VMBO-kader in de OPP-trap. Hoe kan dit?

Een vaardigheidsscore op een bepaalde toets kan omgezet worden naar een I t/m V-score. Deze I t/m V-score kan vervolgens worden omgezet naar een uitstroomroute. Dit is in het bovenstaande voorbeeld gedaan.

In de OPP-trap wordt de vaardigheidsscore echter omgezet naar functioneringsniveau. Vervolgens wordt het functioneringsniveau weergegeven in de OPP-trap en in een uitstroomroute weergegeven. Dit omdat dit de enige manier is om scores op verschillende toetsen in één grafiek te kunnen weergeven. Uitzondering hierop is DL 55. Daar is ervoor gekozen om te zorgen dat de uitkomsten van de toetsen op de M8- toets daar ook kloppen met de I t/m V-scores. Zie voor meer informatie vraag 6 en 19.

In de OPP-trap is daarnaast op drie punten de relatie tussen de vaardigheidsscore en het functioneringsniveau aangepast (bij spelling bij de M6-toets en bij begrijpend lezen bij de E6-toets en de E7-toets). Dit zodat III-scores in het juiste uitstroomniveau vallen.

Het is belangrijk om u te realiseren dat de functioneringsniveaus net een andere uitkomst kunnen geven dan die van de I t/m V scores. Eenzelfde vaardigheidsscore kan dus (net) in een andere stroom vallen. Dit verschil is voor de 3.0 begrijpend lezen toetsen het grootst. Daar kan ook één antwoord meer of minder goed leiden tot een functioneringsniveau van een kwart jaar hoger of lager.

Belangrijke conclusie: de OPP-trap is enkel en alleen als een globale weergave en communicatiemiddel te gebruiken! De geplande uitstroombestemming moet bepaald worden op grond van alle bij vraag 2 genoemde factoren van de leerling en diens omgeving en de geldende VO-criteria in uw regio.

6. Een score valt in of om het gearceerde gebied tussen VMBO Basis en VMBO Kader. Of een score valt op de grens van twee andere gebieden. Wat moet ik doen?

De criteria voor het voortgezet onderwijs in Nederland verschillen per regio. Als u wilt weten wat voor score dit is in uw regio, dan doet u het volgende:

  • Stap 1: ga na welke criteria voor het VO in uw regio worden aangehouden (bijvoorbeeld voor VMBO Basis en VMBO Kader). Zijn dit bijvoorbeeld vaardigheidsscores, I t/m V-scores of functioneringsniveaus?;
  • Stap 2: ga in het leerlingvolgsysteem na wat de leerling heeft gescoord in vaardigheidsscore, functioneringsniveau of I t/m V-score;
  • Stap 3: leg de uitkomst van stap 1 en stap 2 naast elkaar en bepaal hoe de score in uw regio valt: bijvoorbeeld VMBO Basis of VMBO Kader?;
  • Stap 4: voor het bepalen van het ontwikkelingsperspectief kunt u deze informatie meenemen, naast de werkwijze beschreven bij vraag 2.

Realiseer u ook dat toetsen een momentopname zijn, scores een betrouwbaarheidsinterval hebben en de OPP-trap slechts een communicatiemiddel is.

OPP-trap – De verschillende versies en hoe in te vullen

7A. Waarom is er een automatische en een handmatige versie van de OPP-trap?

Vanaf het schooljaar 2021-2022 voert CITO stapsgewijs het nieuwe leerlingvolgsysteem Leerling in beeld in. Om een OPP-trap te maken die automatisch werkt voor Leerling in beeld, is het nodig dat van alle functioneringsniveaus bekend is welke vaardigheidsscore bij welk functioneringsniveau hoort. Daarnaast zijn papieren normtabellen nodig op basis waarvan de OPP-trap gemaakt kan worden. Dit is er allebei (nog) niet en het is niet duidelijk of dit in de toekomst wel komt. Om te zorgen dat er voor deze leerlingen toch gebruik gemaakt kan worden van de OPP-trap, is een handmatige versie ontwikkeld.

7B. Wanneer gebruik ik welke versie?

  • OPP-trap 3.0 automatisch v3: Voor leerlingen die de CITO 3.0 toetsen hebben gemaakt (of oudere, 2.0 CITO-toetsen), kunt u gebruik maken van de automatische versie van de OPP-trap. Voor deze leerlingen wordt de behaalde vaardigheidsscore door Excel automatisch omgezet in het functioneringsniveau. Zie vraag 8 en 9 voor meer informatie over deze versie.
  • OPP-trap 2021 handmatig v1: Voor leerlingen die met het nieuwe leerlingvolgsysteem Leerling in beeld gaan werken is deze versie gemaakt. Bij deze versie moet u (naast de vaardigheidsscores) ook zelf de functioneringsniveaus aanklikken. Zie vraag 10 en 11 voor meer informatie.

8. Wat vul ik waar in bij de OPP-trap 3.0 automatisch v3?

  • Technisch lezen AVI:

Vul op pagina 1 het beheersingsniveau in. Dit niveau wordt weergegeven in de OPP-trap.

 

  • Technisch lezen DMT:

Vul op pagina 1 de vaardigheidsscore in.

Klik per toets aan of dit de versie is uit 2009 of 2018 (soms ook DMT 2017 genoemd).

Let op: de OPP-trap geeft dus alleen een juist resultaat als u 2009 of 2018 aanklikt!

De ingevulde vaardigheidsscore wordt omgezet naar het functioneringsniveau op kaart 1+2+3 van de gekozen DMT.

 

  • Spelling, Begrijpend lezen en Rekenen:

Vul op pagina 1 de vaardigheidsscore (Resultaat in VS) in die de leerling heeft gehaald op de CITO-toets.

Klik per toets aan of dit een 2.0 toets of een 3.0 toets is.

  • Toets = de ‘oude CITO’, CITO LOVS, update normering uit 2013
  • Toets = normering 2018

Let op: de OPP-trap geeft dus alleen een juist resultaat als u 2.0 of 3.0 aanklikt!

9. Wat moet ik verder nog weten over de OPP-trap 3.0 automatisch v3?

  • De ingevulde vaardigheidsscores op pagina 1 worden (automatisch) omgezet naar een functioneringsniveau. Vervolgens is het functioneringsniveau terug te zien als een punt in de OPP-trap. De gegevens op pagina 1 (tabel met scores) worden vanzelf in pagina 2 (figuur van de OPP-trap) opgenomen.
  • Print pagina 2 in kleur en benut deze als visuele ondersteuning bij het bespreken van de geplande uitstroombestemming. De gekleurde ‘stromen’ geven een globale (en soms ook een voorlopige) inschatting van het type V(S)O.

 

  • Maak voor elke leerling gebruik van het oorspronkelijke, gedownloade bestand.
  • Maak bij het invullen van vaardigheidsscores NOOIT gebruik van de functies ‘knippen’, ‘kopiëren’ of ‘plakken’, want gebruik van deze functies verstoort de onderliggende formules in de OPP-trap. Vul de gegevens één voor één in, dan gaat het goed.

 

  • In de handleiding van de CITO-toetsen staat: “De indeling in functioneringsniveaus baseren we op niet-afgeronde vaardigheidsscores. Voor de werkbaarheid bij handmatige scoring hebben we in de tabellen de vaardigheidsscores echter op hele getallen afgerond. Hierdoor kunnen bij eenzelfde vaardigheidsscore kleine verschillen ontstaan tussen de rapportage van functioneringsniveaus bij handmatige scoring en bij invoering in het Computerprogramma LOVS.”

 

  • CITO heeft in januari 2021 de digitale normering (bijvoorbeeld in ParnasSys en het computerprogramma CITO LOVS) aangepast vanwege de schoolsluitingen (COVID-19 virus). In de OPP-trap zijn deze veranderingen doorgevoerd:
    • De functioneringsniveaus met EM worden nu B genoemd. Bijvoorbeeld E4M5 heeft nu de naam B5. En deze niveaus vallen op dezelfde plek in de grafiek van de OPP-trap.
    • Enkele vaardigheidsscores zijn aangepast, zodat deze hetzelfde functioneringsniveau leveren als ParnasSys / Cito LOVS. (Het gaat om vijf vaardigheidsscores bij Spelling, zes bij Rekenen en vijf bij Begrijpend Lezen)

Bovenstaande doorgevoerde veranderingen zijn afgeleid uit de digitale programma’s, omdat CITO geen nieuwe papieren normtabellen zal uitgeven.

10. Wat vul ik waar in bij de OPP-trap 2021 handmatig v1?

  • Technisch lezen AVI:

Vul op pagina 1 het beheersingsniveau in. Dit niveau wordt weergegeven in de OPP-trap.

 

  • DMT, Spelling, Begrijpend lezen en Rekenen:
    • Vul op pagina 1 de vaardigheidsscore (Resultaat in VS) in die de leerling heeft gehaald op de CITO-toets. Het invullen van deze score geeft nog geen puntje in de OPP-trap.
    • Klik per toets aan welk functioneringsniveau is behaald (zie ook vraag 11). Dit functioneringsniveau wordt weergegeven in de OPP-trap.
    • Bij elke toets kunt u intypen welke versie is gebruikt (bij welke versie), maar dat hoeft niet voor een juiste weergave in de OPP-trap.

11. Wat moet ik verder nog weten over de OPP-trap 2021 handmatig v1?

  • De functioneringsniveaus kunt u vinden op een uitdraai van de niet-methodetoetsen van uw digitale leerlingvolgsysteem (zoals ParnasSys of CITO LOVS).
  • In uitzonderlijke gevallen kan het voorkomen dat er op de uitdraai van uw digitale leerlingvolgsysteem een functioneringsniveau staat dat u niet kunt aanklikken in de OPP-trap. Dan mag u zelf bedenken welk functioneringsniveau uit de OPP-trap het best passend is (het dichts zit bij het functioneringsniveau op de uitdraai) en dit aanklikken. Het is ook een optie om dit leeg te laten en op de uitgeprinte versie zelf het functioneringsniveau te schrijven en in de OPP-trap te tekenen.

 

  • De aangeklikte functioneringsniveaus zijn terug te zien als een punt in de OPP-trap.
  • Print pagina 2 in kleur en benut deze als visuele ondersteuning bij het bespreken van de geplande uitstroombestemming. De gekleurde ‘stromen’ geven een globale (en soms ook een voorlopige) inschatting van het type V(S)O.

 

  • Maak voor elke leerling gebruik van het oorspronkelijke, gedownloade bestand.
  • Maak bij het invullen van vaardigheidsscores NOOIT gebruik van de functies ‘knippen’, ‘kopiëren’ of ‘plakken’, want gebruik van deze functies verstoort de onderliggende formules in de OPP-trap. Vul de gegevens één voor één in, dan gaat het goed.

12. Kan ik nog meer invullen dan de vier basisvakken?

Ja, dat kan. In het onderste vak op pagina 1 kunt u een zelfgekozen vak invullen, bijvoorbeeld CITO

Woordenschat, CITO Studievaardigheden of een leerlijn zoals beschreven door de CED-groep.

Wilt u geen gebruik maken van een extra vak? Dan laat u deze en de bijbehorende rijen leeg.

 

Wat vul ik waar in?

  • U typt op pagina 1 in welk vak het betreft. Dit wordt overgenomen in de legenda bij de OPP-trap op pagina 2.
  • Als dit vak vaardigheidsscores heeft, kunt u deze invullen (mag wel, hoeft niet).
  • Klik per toets aan welk functioneringsniveau is behaald (nodig voor een correcte weergave).

13. Ik wil nog andere informatie over de leerling opschrijven in de OPP-trap. Kan dat?

Onder naam/ geboortedatum/ datum is ruimte gecreëerd voor ‘opmerkingen’. Hier kunt u (op pagina 1) extra informatie over de leerling noteren. Het maximaal aantal woorden betreft de grootte van de het vak. Mocht dit niet voldoende zijn, dan kunt u zelf met pen/potlood extra informatie op de uitgeprinte versie van de OPP-trap schrijven.

OPP-trap – Ontwikkelingen

14. Moet ik de nieuwe OPP-trap (automatisch 3.0 v3) gaan gebruiken voor leerlingen die nu de OPP-trap 3.0 v1 of v2 hebben?

In de OPP-trap automatisch 3.0 v3 zijn de nieuwste normen van CITO verwerkt. Namelijk de aanpassingen die CITO heeft gedaan in de digitale normering in januari 2021, naar aanleiding van de schoolsluitingen (COVID-19 virus). In de praktijk zijn dit echter zeer kleine veranderingen: slechts enkele vaardigheidsscores leiden tot een ander functioneringsniveau. Het betreft vijf vaardigheidsscores bij Spelling, zes vaardigheidsscores bij Rekenen en vijf vaardigheidsscores bij Begrijpend Lezen. Het gevolg is dat de OPP-trap een enkele keer (net) een andere uitkomst kan geven dan de computerprogramma’s (digitale normen).

 

Het is dus niet noodzakelijk om de huidige OPP-trap van een leerling te vervangen. Advies is wel om de CITO uitdraaien te bekijken en eventuele verschillen in de OPP-trap op papier aan te passen met pen of potlood.

 

Een voorbeeld: bij begrijpend lezen geeft een vaardigheidsscore van 129 in de OPP-trap een functioneringsniveau van E3M4, maar volgens de digitale normen M4. Dit is dus een klein verschil van ‘een kwart hokje’. Aansluitend hierop is het van belang om de OPP-trap te gebruiken waarvoor die bedoeld is: het is een globale weergave van de didactische ontwikkeling van een leerling en bedoeld als communicatiemiddel. Voor precieze scores en een analyse van scores, is het van belang om de uitslagen van het leerlingvolgsysteem (bijvoorbeeld ParnasSys of het computerprogramma CITO LOVS) aan te houden.

 

Tot slot, er is geen correctie nodig voor scores die nu met een B genoemd worden in plaats van EM (zie ook vraag 9), want visueel valt de score in de OPP-trap op dezelfde plek. Bijvoorbeeld E5M6 valt visueel op de dezelfde plek als B6.

15. Door de ontstane situatie rondom het COVID-19 virus heb ik op een ander moment getoetst. Waar voer ik deze scores in in de OPP-trap?

De volgende situaties zijn mogelijk:

  1. Toetsen afgenomen in september/oktober 2020 in plaats van juni 2020. De toets is genormeerd volgens de normen die gelden voor september/oktober 2020.
  2. De M-toets is later dan januari 2021 afgenomen en wel volgens de normen van januari 2021 genormeerd.
  3. Een leerling is op maat/adaptief getoetst (bijvoorbeeld een E4M5-toets afgenomen in plaats van de M5-toets).

 

Wij adviseren in alle bovenstaande situaties de toets in te voeren bij het oorspronkelijke toetsmoment, omdat het technisch niet mogelijk is het toetsmoment te verplaatsen. Wanneer u later toetst dan het oorspronkelijke toetsmoment is het wél belangrijk dat u zich realiseert dat het toetsmoment eigenlijk wat later is geweest. Dit betekent dat het puntje in de trap eigenlijk een klein stukje naar rechts zou moeten liggen. U kunt dit handmatig aangeven door het met een pen te verschuiven, er een rondje om te zetten of het bij ‘opmerkingen’ te noteren. Daarnaast is het goed u te realiseren dat de OPP-trap een globale weergave van de situatie is en bedoeld is om het OPP met de betrokkenen te bespreken. Voor meer informatie over CITO-toetsen in en rondom de schoolsluitingen verwijzen we u graag naar de website van CITO: https://www.cito.nl/onderwijs/primair-onderwijs/coronavirus-ondersteuning-onderwijs.

 

U kunt dus het beste de uitkomst van september/oktober 2020 invullen bij het toetsmoment van juni 2020 (bij het einde van het vorige schooljaar) en de toets afgenomen in februari 2021 of later invullen bij het toetsmoment van januari 2021 (midden van het schooljaar).

Bijvoorbeeld (situatie a), uw leerling is niet in eind groep 3 getoetst (didactische leeftijd 10), maar in begin groep 4 (didactische leeftijd 11 of 12). U voert dan de score die in begin groep 4 is gehaald, toch in bij eind groep 3. In de OPP-trap is het namelijk niet mogelijk om een toets in te voeren bij september/oktober 2020 (didactische leeftijd 11 of 12 in het voorbeeld), maar alleen bij juni/juli (didactische leeftijd 10). Ditzelfde geldt voor de toets van januari 2021 (situatie b). Ook deze voert u in bij het ‘midden-toetsmoment’ (dus bij bijvoorbeeld DL 5, 15, 25, enzovoorts) en het is niet mogelijk deze op een ‘later moment’ in de OPP-trap te zetten.

Wanneer u op maat/ adaptief heeft getoetst (situatie c), houdt u bij het invoeren eveneens de toetsmomenten van juni en januari aan. Adaptief toetsen geeft namelijk ook vaardigheidsscores en functioneringsniveaus die goed kunnen worden weergegeven in de OPP-trap.

16. Wij werken met een ander leerlingvolgsysteem (IEP, DIA, Boom). Kan ik deze resultaten ook invoeren in de OPP-trap?

Nee, dit is helaas niet mogelijk. De OPP-trap is gebaseerd op en ontwikkeld vanuit CITO-toetsen en CITO-scores. Daarom is een andere toets niet zomaar te vertalen naar de OPP-trap, mede vanwege andere vaardigheidsscores en verschillen in het meten van schoolvakken. De OPP-trap is opgesteld door de CITO-normen voor instroom VO terug te redeneren naar eerdere groepen. Dit alles maakt dat er niet zomaar andere toetsen in de OPP-trap ‘passen’.

Daarnaast geven veel ontwikkelaars van andere toetsen aan dat er bewust niet vroegtijdig wordt gecommuniceerd over VO-niveau. Het is dan ook niet wenselijk dit met de OPP-trap wel te doen.

 

17. Is het mogelijk om van de OPP-trap een eigen versie te laten maken waarin ook andere gegevens in te vullen zijn?

Bij het (door)ontwikkelen van de OPP-trap is zo veel mogelijk tegemoetgekomen aan wensen uit het veld. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk geworden om de DMT in de OPP-trap in te vullen en een vak naar keuze in de trap op te nemen. Het doel van de OPP-trap is heldere communicatie over het OPP aan betrokkenen. Wanneer er nog meer vakken en/of extra informatie in worden opgenomen, is het risico dat er te veel informatie in de trap komt, waardoor deze niet meer overzichtelijk is. Daarom kunnen we aan wensen voor extra vakken of andere extra informatie geen gehoor geven. Ook is het niet mogelijk om individuele aanpassingen te doen aan de OPP-trap. Wanneer u zelf graag toch extra informatie in de OPP-trap wilt, wordt geadviseerd dit er handmatig (met pen of potlood) aan toe te voegen.

OPP-trap – Scores

18. Het leerlingvolgsteem (ParnasSys, CITO, enz.) geeft een ander functioneringsniveau dan de OPP-trap geeft. Wat moet ik doen?

Allereerst, blijf de OPP-trap gebruiken zoals deze is bedoeld: het is een globale weergave van de didactische ontwikkeling van een leerling en bedoeld als communicatiemiddel. Voor precieze scores en een analyse van scores, is het van belang om de uitslagen van het leerlingvolgsysteem (bijvoorbeeld ParnasSys of het computerprogramma CITO LOVS) aan te houden. Door het sluiten van de scholen (i.v.m. COVID-19) en het toetsen op andere momenten, zijn er door CITO aanpassingen gedaan in de normen. In principe zijn deze allemaal verwerkt in de nieuwste versie van de OPP-trap (OPP-trap 3.0 automatisch v3) en zouden er geen verschillen meer moeten zijn. Echter, de OPP-trap is gebaseerd op papieren normtabellen en in de digitale leerlingvolgsystemen wordt gebruik gemaakt van digitale normtabellen. Deze kunnen kleine verschillen geven.

Wanneer er een verschil is, kunt u dit of met pen veranderen op een print van de OPP-trap, of ervoor kiezen om gebruik te maken van de handmatige OPP-trap, waarin u zelf alle functioneringsniveaus kunt aanklikken.

19. Wat als een leerling functioneringsniveau M8 of hoger scoort?

De functioneringsniveaus van CITO gaan tot en met M8. Wanneer een leerling op het niveau van M8 scoort of hoger, betekent dit dat deze leerling minimaal in het VMBO GL/TL gebied scoort bij DL 55. Voor deze leerlingen geven de I t/m V scores een gedifferentieerder beeld. Daarom worden in de OPP-trap (bij spelling, begrijpend lezen en rekenen) functioneringsniveaus van M8 of hoger dan M8 weergegeven als een I, II, of III-score op de M8 toets. Vervolgens worden de I t/m V-scores bij DL 55 als volgt weergegeven in de grafiek van de OPP-trap:

  • I en II-scores vallen in HAVO/VWO (weergegeven ter hoogte van “hokje boven E8” en “E8” in de trap).
  • III-scores vallen in VMBO GL/TL (weergegeven ter hoogte van “M8” in de trap).
  • IV-scores vallen in principe in VMBO Kader of op de randen van het gearceerde gebied. Analyse is dan belangrijk (zie vragen 4 en 6).
  • V-scores zijn geen functioneringsniveau M8 op een leeftijdsadequate toets, dus niet van toepassing.

Deze indeling is aangehouden, omdat dit de criteria zijn voor het voortgezet onderwijs in de regio waar de OPP-trap is ontwikkeld (regio Het Gooi en omstreken). Houd hier bij de interpretatie van de OPP-trap dus rekening mee als in uw regio andere criteria gelden. Aanpassingen van de OPP-trap aan de criteria in uw regio zijn helaas niet mogelijk. 

20. Wat als een leerling meerdere keren < M3 behaalt?

Als een leerling een vaardigheidsscore haalt die overeenkomt met een functioneringsniveau lager dan M3 niveau, dan wordt dit weergegeven als <M3 en geplot op de x-as van de grafiek. Wanneer een leerling dit meerdere keren haalt, lijkt het in de grafiek alsof deze leerling geen groei laat zien en aan de onderkant van het betreffende VO-gebied scoort. Ga dan na of dit daadwerkelijk het geval is door de vaardigheidsscores (en het eventuele leerrendementen) te analyseren.

21. Wat te doen met een vaardigheidsscore van “0” en een hoge AVI?

Een vaardigheidsscore “0” wordt in de OPP-trap vanwege technische redenen niet omgezet in een functioneringsniveau en niet geplot in de grafiek. Daarom moet bij een vaardigheidsscore van “0” een vaardigheidsscore van “1” worden ingevoerd. Deze wordt wel omgezet naar het juiste functioneringsniveau.

Een score op AVI zal nooit in HAVO/VWO kunnen vallen vanaf een DL 55, omdat AVI plus overeenkomt met functioneringsniveau M8 (wat in VMBO-GL/TL ligt bij DL 55).

22. Mijn OPP-trap geeft geen functioneringsniveau // geen puntjes //zet alle puntjes en lijnen op de horizontale as bij één of meer vakken // geeft alleen maar hele hoge puntjes in de grafiek // de OPP-trap ziet eruit als een staafdiagram. Wat moet ik doen?

Automatische OPP-trap: Controleer allereerst of u de juiste vaardigheidsscores heeft ingevuld en kijk of de toetsversie (2.0 of 3.0) is aangeklikt. Kijk tevens of u vaardigheidsscores heeft ingevuld (en niet bijvoorbeeld per abuis ruwe scores).

 

Handmatige OPP-trap: controleer of u de functioneringsniveaus heeft aangeklikt (en niet alleen vaardigheidsscores heeft ingevuld) op pagina 1. In deze versie van de OPP-trap moet u dit namelijk zelf doen, voordat iets wordt weergegeven in de OPP-trap.

 

Mocht dit alles het geval zijn en de grafiek blijft nog steeds iets anders weergeven dan wat u in de tabel op pagina 1 heeft ingevuld, dan wordt geadviseerd opnieuw de OPP-trap te downloaden van www.opptrap.nl. Vervolgens vult u in deze nieuwe trap de behaalde scores in. Waarschijnlijk is de trap die u gebruikte op een of andere manier beschadigd. De nieuw gedownloade versie zal wel werken.

 

Ook in andere situaties dat de OPP-trap niet werkt: download een nieuwe OPP-trap van de site en vul daar (één voor één) de gegevens op nieuw in. Zoals ook beschreven bij de vragen 9 en 11: Maak bij het invullen van vaardigheidsscores NOOIT gebruik van de functies ‘knippen’, ‘kopiëren’ of ‘plakken’, want gebruik van deze functies verstoort de onderliggende formules in de OPP-trap. Vul de gegevens één voor één in, dan gaat het goed.

 

23. A) Wat te doen bij een doublure? B) Wat te doen bij versnellen (groep overslaan)?

a) Doubleren

Wanneer een leerling één van de groepen 3 t/m 8 heeft gedoubleerd, kan bij het doorlopen van de laatste groep in het document gebruik worden gemaakt van ‘(65)’ en ‘(70)’ (ook wel twee extra keer ’60’ genoemd). Op die manier is er voldoende ruimte om alle resultaten weer te geven.

Let op: het groepsverloop zoals onderaan in de grafiek weergegeven, klopt dan voor deze leerling niet meer. Dit moet bijvoorbeeld groep 3-4-4-5-6-7-8 zijn bij een doublure in groep 4. Dit is niet aan te passen in het document, maar kunt u zelf met pen aanpassen op een geprint exemplaar.

 

Ook kan ervoor gekozen worden om alleen het tweede gedoubleerde jaar in de OPP-trap op te nemen (in dit geval de tweede keer groep 4), omdat dit vaak een eerlijker beeld geeft. Let dan wel op dat bij een eventuele LWOO of PrO aanvraag (o.b.v. leerrendement) de trap bij DL 55 geen goed beeld meer geeft. Bij deze leerling moet namelijk een score (leerrendement) berekend worden over DL 60 (en niet over DL 55).

 

Bij een doublure zal wellicht gebruik gemaakt worden van DL 60, 65 en 70. Voor deze DL’s geldt dat alleen vaardigheidsscores horend bij een I-score in HAVO/VWO kunnen worden weergegeven. Overige scores zullen altijd in VMBO-GL/TL of lager worden geplot.

 

B) Versnellen

Het invullen van de OPP-trap voor deze leerlingen heeft geen meerwaarde, omdat de OPP-trap is ontwikkeld voor kinderen met leerachterstanden. Leerlingen die versnellen hebben veelal I-scores, waardoor qua uitstroom gedacht wordt aan HAVO/VWO. Bij deze stroom geeft de OPP-trap een minder gedifferentieerd en minder betrouwbaar beeld en heeft daardoor weinig toegevoegde waarde.

24. Wanneer is een score onbetrouwbaar?

Als een leerling een jaar hoger of lager scoort/functioneert dan de afgenomen toets, is de afgenomen toets onbetrouwbaar. Er moet dan terug-getoetst (een lagere toets afnemen) of door-getoetst (een hogere toets afnemen) worden, omdat deze toets dan te makkelijk of te moeilijk was voor deze leerling. In het digitale leerlingvolgsysteem (bijvoorbeeld CITO LOVS of ParnasSys) is dit bij de uitslagen van de CITO-toetsen vaak aangegeven doordat er een > of < teken wordt gebruikt bij het functioneringsniveau (bijvoorbeeld >M5 of <E7). De vaardigheidsscore is dan onvoldoende betrouwbaar en kan leiden tot een functioneringsniveau dat niet klopt. Dit is uiteraard niet de bedoeling. Zie de handleiding CITO voor meer informatie over het juiste gebruik en de juiste interpretatie van vaardigheidsscores en functioneringsniveaus.

OPP-trap – Overig

25. Welk systeem is vereist voor de OPP-trap?

De OPP-trap werkt alleen in Excel voor Windows 2007 of hoger. In eerdere Excelversies zullen bepaalde functies niet (volledig) worden weergegeven of kan de opmaak worden verstoord. De trap werkt ook niet (volledig) in Office voor Mac en Google Spreadsheets. Het is technisch niet mogelijk om hiervoor een aangepaste versie te ontwikkelen.

26. Waarom werkt de OPP-trap niet met DLE’s?

De OPP-trap werkt met vaardigheidsscores, omdat deze scores de meest betrouwbare maat zijn voor het functioneren van een leerling. Voor toelating tot het VMBO met Leerwegondersteuning (LWOO) en Praktijkonderwijs (PrO) wordt echter vaak nog gebruik gemaakt van het leerrendement op basis van DLE’s. Op grond van het leerrendement in DLE kan een leerling (net) in een andere route scoren dan op grond van diens vaardigheidsscore. Daarom is het belangrijk om voor deze leerlingen ook de DLE’s te gebruiken en te analyseren.

27. Hoe weet ik of er een nieuwe versie is?

Wanneer er een nieuwe versie van de OPP-trap beschikbaar is, wordt deze op www.opptrap.nl geplaatst. Op deze site vindt u tevens meer informatie over de OPP-trap.

28. Wie heeft de OPP-trap ontwikkeld?

De OPP-trap is indertijd ontwikkeld door drs. J.E. Jongbloed – van Wijngaarden, werkzaam op SBO Het Mozaïek te Hilversum en wordt nu door verschillende gedragswetenschappers van Stichting Elan onderhouden.

29. Heb ik toestemming nodig voor het gebruiken van de OPP-trap?

De OPP-trap is ontwikkeld als hulpmiddel in de communicatie over het OPP van een individuele leerling en mag kosteloos gebruikt worden. De OPP-trap mag echter niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming via [email protected] worden gepubliceerd (in welke vorm dan ook) of overgenomen worden op een andere website dan www.opptrap.nl. Ook mag het document niet worden aangepast (op welke manier en in welke vorm dan ook). Naast auteursrechtelijke overwegingen, blijft op deze manier de kwaliteit van het document gewaarborgd. De kwaliteit is namelijk niet langer te garanderen als dingen worden aangepast door anderen. Het is wel toegestaan om de OPP-trap te downloaden en voor intern gebruik op een computer/server op te slaan. Hierbij wordt geadviseerd om regelmatig op www.opptrap.nl na te gaan of er nieuwe versies beschikbaar zijn. Daarnaast wordt geadviseerd om voor elke nieuwe leerling het oorspronkelijke bestand te gebruiken (en niet een bestaande leerling aan te passen). Op die manier maakt u altijd gebruik van de meest recente en kloppende versie. Neem hierbij de hierboven beschreven toelichting in het document zorgvuldig in acht. De OPP-trap is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid ontwikkeld. De ontwikkelaars zijn niet aansprakelijk voor enige directe of indirecte schade die zou kunnen ontstaan door het gebruik van het document.

30. Ik heb een belangrijke andere vraag die hierboven nog niet is beantwoord. Wat kan ik doen?

Ga eerst goed na of uw vraag hierboven nog niet is beantwoord. Als u geen antwoord vindt en niet verder kunt, kunt u een bericht sturen naar [email protected]